Alles over IBD, gewrichten en gezonde levensstijl

TAKEDA_4

Wat is de link tussen IBD en reuma? Waarom is beweging zo belangrijk? En wat is de rol van voeding? Allemaal vragen die mensen met colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn zich stellen. Op deze vragen kregen ze een antwoord tijdens de infoavond in AZ Damiaan.

Meer dan 200 bezoekers wonen de patiëntenavond in Oostende bij. Of tenminste: zij volgen het event vanuit hun zetel thuis, want deze editie is helemaal virtueel. De avond is een initiatief van de IBD-verpleegkundigen van vijf ziekenhuizen: Kevin Plovie van AZ Damiaan in Oostende, Emma Lernout van AZ Delta in Roeselare, Sofie Himpe van AZ Groeninge in Kortrijk, Eva De Jonckheere van het Sint-Andriesziekenhuis in Tielt en Annelore Leplae en Patsy Vlieghe van AZ Sint-Lucas in Brugge.

Het verschil tussen artritis, artrose en artralgie

De eerste spreker is reumatoloog Caroline Verbist van AZ Delta en AZ Sint-Lucas. Zij ziet wel degelijk een link tussen inflammatoire darmziektes en reuma. “Maar”, vertelt ze, “niet elke gewrichtspijn is van reumatische aard. Heel wat andere oorzaken leiden tot gewrichtspijn, zoals artrose of een peesontsteking.”

Daarom is het belangrijk om het onderscheid te begrijpen. Dokter Verbist: “artralgie is gewrichtspijn zonder ontstekingen. Ongeveer een op twee IBD-patiënten krijgt ermee te maken. Daarnaast heb je artrose: dat komt heel vaak voor, is leeftijdsgebonden en heeft niets met de aandoening te maken. Artritis is een vorm van gewrichtsontsteking: het komt veel minder vaak voor en is een vorm van reuma. Maar het is geen synoniem voor reuma: niet elke reumatische klacht zet zich op de gewrichten. Psoriasis, bijvoorbeeld, kan ook een vorm van reuma zijn.”

Bij de reumatoloog kan je terecht voor de juiste diagnose. Dokter Verbist: “Eerst luisteren we naar de pijnklachten. Daarna stellen we de gewrichtszwelling vast en analyseren we het gewrichtsvocht. De diagnose van artrose of een klassieke peesontsteking stellen we via een echografie, die van artritis via een CT-scan.” 

Artritis: ‘s nachts wakker met ontstekingspijn

Je kan zelf het onderscheid voelen tussen artrose en artritis, aldus Caroline Verbist: “Artrose- of slijtagepijn komt opzetten in de loop van de dag, en is het ergst aan het einde van de dag. Dat zie je niet bij reuma: mensen met ontstekingspijnen worden ‘s nachts wakker van de pijn, om helemaal stram op te staan. Doorheen de dag vermindert de stramheid. Artritis komt vooral voor bij mensen die ouder zijn dan 35 jaar.”

Reuma en IBD: behandeling 

Het verband tussen reuma en IBD is (nog) niet duidelijk. Caroline Verbist: “Wellicht zit de darmflora daar voor iets tussen. Daarnaast zien we een genetische voorbeschiktheid. Dat is bijvoorbeeld het geval bij de ziekte van Bechterew, een aandoening met reumaklachten. Met een genetische test onderzoeken we of je drager bent of niet.” 

IBD-patiënten die last hebben van reuma laten zich het best behandelen door zowel een maag- en darmspecialist als door een reumatoloog. 

Actief leven en bewegen met IBD

Steve Arnout is zelfstandig kinesist in Tielt. In zijn praktijk begeleidt hij ook IBD-patiënten. “Het allerbelangrijkste voor al mijn patiënten is bewegen”, is zijn overtuiging.

Overbelasting: belasting is groter dan belastbaarheid

“Bij iedereen met klachten is de belasting hoger dan de belastbaarheid”, vertelt hij. “Dan krijg je dus overbelasting.” Onder ‘belasting’ verstaat Steve Arnout de gezinssituatie, mentaliteit, fysieke stress en vrije tijd. ‘Belastbaarheid’ is dan weer de fysieke en mentale fitheid, je leeftijd en je medicatie. “IBD zorgt voor minder belastbaarheid. Daarom is het zo belangrijk om tijdens actieve fases van je ziekte de belasting naar beneden te halen en op lange termijn je belastbaarheid te vergroten, zodat je reserves opbouwt.”

Die belastbaarheid vergroot je door te sporten. Helaas: bij IBD-patiënten zie je veel verschillende valkuilen. Vermoeidheid, lusteloosheid, buikpijn, incontinentie of gewrichtspijn zorgen ervoor dat je minder gemotiveerd bent om te sporten. 

Steve raadt daarom aan om je te laten begeleiden door je gastro-enteroloog of je huisarts. “Je hoeft daarvoor niet per se naar een kinesist gaan. Al kan die je wel helpen, bijvoorbeeld met stabilisatie- of bekkenbodemoefeningen, of oefeningen om je spieren en gewrichten te trainen.”

Allemaal makkelijk gezegd, maar hoe begin je daar nu aan? Steve: “Een weekplan opstellen helpt. Zo kan je bijvoorbeeld de ene dag een wandeling maken, de andere gaan zwemmen”, raadt Steve aan. “Sport op regelmatige basis. Eén keer per week is een begin, maar probeer toch te mikken op meerdere beweegmomenten per week. Zonder te overdrijven. Houd het leuk. En onthoud: het allermoeilijkste aan sport is uit je zetel geraken.”

Hoe daag je jezelf genoeg uit zonder te ver te gaan? Steve: “Na het sporten komt je lichaam in een herstelfase. Het is belangrijk dat je pas opnieuw sport als je lichaam hersteld is. Dan maak je je lichaam sterker. Zonder herstelfase raak je vermoeid, overbelast of krijg je last van ontstekingen. Maar als je te lang wacht vooraleer je opnieuw sport, bouw je niets op.” Daarom laat je dus beter niet te weinig, maar ook niet te veel tijd tussen twee sportsessies. Steve: “Bespreek met je arts wat haalbaar is.”  

“Beweging zal je ziekte niet genezen”, besluit Steve. “Maar het heeft wél een positieve invloed op het ziektebeeld. Oefeningen kunnen er zelfs voor zorgen dat opstoten verminderen. Het zorgt voor een verbeterende botkwaliteit, minder vermoeidheid en hogere levenskwaliteit. Plus: atleten met IBD behaalden al medailles op de Olympische Spelen. Laat IBD je dus niet tegenhouden!”

Gezonde voeding voor een goede darmgezondheid

De derde spreker is Bo Delesie. Zij is diëtiste in het AZ Damiaan, met als specialisatie IBD. “Gezonde voeding is zeer belangrijk voor een goede darmgezondheid”, vertelt ze. “Als je gezond eet, krijg je voldoende energie. Een gezonde levensstijl maakt je lichaam weerbaar tegen infecties, zodat je sneller herstelt na een opstoot. Jammer genoeg bestaat er nog geen specifiek dieet voor mensen met IBD.” 

Wél zijn er een aantal dingen waarmee je rekening kan houden, vertelt Bo:

Beperk ultrabewerkte voeding

Meer en meer onderzoek toont aan dat bewerkte voeding ontstekingen bevordert. Daarom kies je beter voor onbewerkte producten als wit vlees, gevogelte, vis of onbewerkte plantaardige alternatieven. Bewerkte voedingsmiddelen zijn bijvoorbeeld charcuterie, gehakt, gefrituurde of gepaneerd voedsel, koeken, chips en patisserie. Die producten beperk je beter. Water is de beste dorstlesser.

“We bestaan voor een groot deel uit vocht en verliezen dagelijks zo’n drie liter. Je drinkt het best 1,5 liter per dag, anders krijg je een constiperend effect. Hoe minder alcohol je drinkt, hoe beter. Daarom raad ik aan om ten minste drie alcoholvrije dagen per week in te lassen.”

Eet voldoende vezels

Kies voor bruin of volkorenbrood, muesli of havermout, en eet voldoende groenten, fruit en peulvruchten. Zelfgemaakte bereidingen zijn gezonder dan kant- en-klaar-maaltijden, die vaak te veel suiker bevatten. Ze zijn beter voor je darmflora, én verminderen het risico op darmkanker of diabetes type 2.

Vermijd verzadigde vetten

Verzadigde vetten zijn slecht voor hart- en vaatziekten. Eet onverzadigde vetten als arachideolie, olijfolie en maïsolie. Ook vetrijke producten zoals avocado en vette vis zijn erg gezond. Alleen kokosolie en palmolie eet je beter niet.

Eet regelmatig

Idealiter eet je 3 hoofdmaaltijden en 2 à 3 vezelrijke gezonde tussendoortjes per dag.

Wat eet je tijdens een opstoot? Waar kan je op letten? Vermijd rauwkost, want dat verteren je darmen moeilijk. Klaargemaakte groenten, zachte of gestoofde groenten zijn wel ok. Je eet dan best een groentedip of groentepuree, geschild en rijp fruit zonder schil of pitjes.

  • Beperk volkorenproducten, koffie, alcohol en suiker. Die kunnen prikkelend werken en een laxerend effect hebben.
  • Vermijd vetrijke of te volumineuze maaltijden. Heb je last van diarree? Let op je vochtinname. Behalve water en thee drink je het best isotone dranken zodat het lichaam vocht, suiker en zout opneemt. Denk aan sportdrankjes als Aquarius of AA drink. Je beperkt wel beter suikerrijke dranken, want die kunnen triggerend werken.
  • Als je diarree hebt, verlies je veel zout. Voeg daarom zout toe aan je maaltijden of gebruik zoutrijk water. Bijvoorbeeld: Vichy, Aquarius, zoutrijke koekjes, gerookte vis of een blokje kaas uit het vuistje.
  • Eet eiwitrijk. Tijdens opstoten nemen je darmen onvoldoende eiwitten op, of gaan ze verloren via diarree. Dat zorgt voor ongewenst gewichtsverlies en ondervoeding. Eiwitten zitten in dierlijke producten zoals eieren, melk, kaas, soja, vis, vlees, peulvruchten, noten en zaden. Al moet je opletten met noten en zaden, want dieverteren moeilijker tijdens opstoten.

Roken lokt opstoten en hardnekkige ontstekingen uit

Horanka Uyttenhove is psychologe en tabakologe in AZ Delta. Zij vertelt dat roken opstoten kan uitlokken én dat je een grotere kans hebt op hardnekkige ontstekingen, die minder behandelbaar zijn. Horanka: “Als je rookt, heb je een hoger risico op darmontstekingen. Daardoor is de kans groter dat je darmkanker krijgt of dat je de ziekte van Crohn ontwikkelt. Rokers hebben zelfs tot vier keer meer kans om de ziekte van Crohn te krijgen. Bovendien lokt roken opstoten uit.”

“Nicotine zorgt ervoor dat je minder speeksel aanmaakt. Daardoor krijg je een drogere mond, en kunnen bacteriën makkelijker binnendringen in je spijsversteringsstelsel. Dat heeft een negatieve invloed op je darmflora en op de beschermlaag die op je darmwand ligt.” 

Roken is met andere woorden erg ongezond voor je darmen. Stoppen met roken is dan ook de boodschap. Horanka: “Toch is het zo dat niemand anders die beslissing voor jou kan maken. Jij moet overtuigd zijn dat je wil stoppen. Dat is de allereerste stap.

De belangrijkste tips van tabakoloog Horanka:

  • Ben je overtuigd dat je wil stoppen? Onderschat de lichamelijke verschijnselen niet. Stap daarom naar een tabakoloog, om samen een aanpak te zoeken die het beste bij jou past.
  • Zet de voor- en nadelen van stoppen met roken op een rijtje.
  • Wanneer steek jij een sigaret op? Probeer een alternatief te bedenken om die drang te overbruggen

Bijvoorbeeld: ‘na het eten steek ik een sigaret op’ wordt dan ‘na het eten poets ik mijn tanden’. 

Of ‘in de auto steek ik een sigaret op’ – ‘in de auto zet ik mijn muziek luid’